U bent hier

Geschiedenis

Het Fort Napoleon is het belangrijkste militaire monument in Vlaanderen uit de napoleontische tijd. Het gebouw is vijfhoekig (polygonaal) van vorm en volledig omringd door een droge gracht en een steunmuur.

            fort napoleon                                                                                                                                  
Van Fort Impérial tot Fort Napoleon
Aan het einde van de 18de eeuw werden de Oostenrijkse Nederlanden geannexeerd door Frankrijk, dat volop was verwikkeld in een oorlog met de andere Europese grootmachten. De Fransen besteden veel aandacht aan de kustversterkingen als verdediging tegen mogelijke aanvallen vanuit Engeland. Daarom werd de kusthaven Oostende van strategisch belang voor hen. Napoleon plande een kring van versterkingswerken rond de stad, maar uiteindelijk werden slechts twee vijfhoekige forten gebouwd: het Fort Impérial, nu Fort Napoleon, gelegen ten oosten van de stad en het fort Royal, later Fort Wellington, gelegen ten westen van de stad. De werkzaamheden aan het Fort Impérial begonnen in 1811 en vanaf 1814 werd het fort in gebruik genomen als wapenopslagplaats en verblijfplaats van het Franse leger. Als verdedingsbolwerk heeft het echter nooit dienst gedaan.

Na de val van Napoleon in 1814 werden onze gewesten bij Nederland gevoegd. Zo ontstond het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden (1815 – 1830) met de Nederlandse vorst Willem I als monarch. Oostende behoorde toen als vestingstad tot de Wellingtonbarrière, een landinwaartse, voornamelijk tegen Frankrijk gerichte verdedingsgordel. Het Fort Impérial, omgedoopt tot Fort William, verloor sterk aan belang en viel ten prooi aan diefstal en vandalisme.

Na de Belgische Revolutie van 1830 stonden de grote Europese mogendheden borg voor neutraliteit van de nieuwe staat. Fort William kreeg de naam van zijn bouwheer: Fort Napoleon. Stilaan verdween het militaire belang van een aantal vestingsteden. Op 20 maart 1865 werd Oostende van haar vestingsfunctie ontheven en in 1883 werd het Fort Wellington grotendeels afgebroken. Bevrijd van haar keurslijf ontwikkelde Oostende zich tijdens de belle époque tot mondaine badstad.

 

 

Duits artilleriekwartier
Tijdens de Eerste Wereldoorlog installeerde het Duitse bezettingsleger een groot aantal batterijen langs de Belgische kust. Ook in Oostende werden geschutseenheden opgesteld. Aanvankelijk deed het fort dienst als artilleriekwartier van de Duitse bezetter. Later werd een gedeelte ervan ingericht als luxueuze biertent voor Duitse officieren. Uit die tijd dateren de fresco’s geschilderd door de Duitse soldaat Otto Pieper als versiering voor de vergaderzalen van de officieren. De enige gedeeltelijk bewaarde muurschildering Der Barbar stelt een Duits ridder voor in een middeleeuws harnas. Met zijn zwaard doorboort hij hoofden die elk een vijandig land voorstellen. De vlaggen achter Der Barbar stellen de te overwinnen geallieerden voor.

Van heemkundig museum tot monument
Na het vertrek van de Duitse troepen werd het fort geplunderd. Het Oostendse stadsbestuur besloot de oude versterking opnieuw in te richten. Van 1932 tot 1940 werd in het fort een heemkundig museum ondergebracht dat bestond uit een aantrekkelijke verzameling van lokale curiosa. Bij de restauratie werden zowel op de beneden- als op de eerste verdieping bepaalde schietgaten opengebroken en omgevormd tot ramen en deuren. De hoofdingang, een betonnen loopbrug op de westelijke caponnière; bevond zich op de eerste verdieping. 
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het Fort Napoleon door de Duitse bezetter gebruikt als verblijfplaats voor artilleristen. Vanaf 1946 stond het gebouw opnieuw leeg tot het in 1949 een nieuwe bestemming kreeg als kinderspeelplaats. In 1956 begon een lange periode van verval. De bescherming van het fort als monument door het Koninklijk Besluit van 6 juli 1976 verhinderde de teloorgang niet.

Restauratie en herinrichting
Met de oprichting in 1992 van de vzw Fort Napoleon groeide de belangstelling opnieuw. Van 1996 tot 2012 ontfermde de Stichting Vlaams Erfgoed (SVE), later Erfgoed Vlaanderen zich over de restauratie en de nieuwe educatief-culturele invulling van het fort. 

Vandaag de dag heeft de Vlaamse erfgoedorganisatie Herita de taak als erfgoedzorger voor het fort op zich genomen. Lees verder op  http://www.herita.be om hierover meer te weten.

 

Meer info online vindt u o.a. bij Jean Dewaerheid  en  Joost Welten